✨ Nora's Wereld

Nora's Reis Naar de Zeebodem

~ een stad onder de golven ~

Op een vakantie aan de kust vond Nora een grote schelp. Niet zomaar een schelp, maar één die zachtjes gloeide. Toen ze hem tegen haar oor hield, hoorde ze geen zee. Ze hoorde stemmen.

"Welkom," fluisterde een stem. "Wil je ons bezoeken?"

"Ja," zei Nora zonder na te denken.

"Hou de schelp vast en stap in de zee."

Nora keek om zich heen. Mama lag in de zon met haar boek. Ze gluurde, en niemand keek. Voorzichtig stapte ze het water in, met de schelp in haar hand.

De schelp begon te trekken. Niet hard, maar zachtjes. Nora liet zich meevoeren. Het water sloeg over haar heen, maar ze kon ineens makkelijk ademen, alsof er een bel om haar heen zat.

Ze daalde af. Het water werd kouder, en toen weer warmer. Vissen zwommen langs in alle kleuren. Een schildpad zwaaide met zijn vin.

Op de bodem van de zee was een stad. Een echte stad! Met gebouwen van koraal, straten van schelpen, en lichtjes van zee-anemonen.

Nora zette voet aan land — eh, voet aan zand. Een meermin kwam naar haar toe gezwommen. Ze had paars haar en vriendelijke groene ogen.

"Ik ben Coral," zei de meermin. "Welkom in Diepstad."

"Wat een mooie plek," fluisterde Nora.

"Wil je een rondleiding?"

Coral nam Nora mee. Ze bezochten de markt, waar oesters parels verkochten en kreeftjes hele bootjes vol verse zeewier hadden. Ze bezochten de school, waar kleine meermin-kindjes leerden zingen. Ze bezochten de bibliotheek, waar boeken werden bewaard in waterdichte kasten van paarlemoer.

"Wat doen jullie de hele dag?" vroeg Nora.

"Hetzelfde als jullie," zei Coral. "Werken, spelen, leren, knuffelen."

"En de mensen? Weten jullie van ons?"

"Natuurlijk," zei Coral. "Wij zien jullie soms. Wij zien jullie spullen vallen in zee. Wij zien jullie boten."

Coral werd even stil. "Wij zien ook jullie afval."

"Afval?" vroeg Nora.

"Plastic. Flessen. Tassen. Het komt allemaal hierheen. Het is een groot probleem voor ons. Dieren raken erin verstrikt. Vissen denken dat het eten is."

Nora's gezicht werd rood. Ze had weleens een limonade-flesje in het water gegooid. Per ongeluk. Maar toch.

"Het spijt me," zei ze zacht.

"Jij hoeft je niet te verontschuldigen," zei Coral. "Maar misschien kan je het tegen je vriendjes zeggen. Zoveel mensen weten niet dat we hier zijn. En dat ons huis kapotgaat."

"Dat doe ik," beloofde Nora.

Aan het einde van de dag bracht Coral haar terug naar het strand. "Vergeet ons niet," zei ze. "En als je een keer plastic op het strand ziet liggen: raap het op, oké?"

"Beloofd."

Nora kwam terug uit de zee. Haar mama keek geschrokken op. "Lieverd, waar was je?"

"Onder water," zei Nora.

Mama glimlachte. "Wat een fantasie."

Maar Nora wist beter. En sindsdien raapt ze altijd plastic op als ze het op het strand ziet liggen. Ze vertelt haar vriendjes ook over Diepstad. Sommigen geloven haar. Anderen niet. Dat geeft niet. Nora weet wat ze weet.

En af en toe, als ze haar oude schelp tegen haar oor houdt, hoort ze Coral fluisteren: "Dank je wel."

~ Einde ~

← Vorige Volgende →